GEZINSLEVEN

Sinterklaasgedicht maken: in tien minuten klaar

Drie minuten trefwoorden, vier vaste delen en gepaard rijm: zo schrijf je een sinterklaasgedicht dat persoonlijk is en goed voorleest.

Team FamilieApp26 september 2026 · 10 min lezen
keer gelezen
Ingepakte surprise in bruin papier met touw en een rood label met een gouden kruis, naast een vulpen en de mijter van Sinterklaas

Deel dit artikel

Laatst bijgewerkt: 26 september 2026

Snel antwoord: Een sinterklaasgedicht maken lukt in tien minuten als je eerst drie minuten trefwoorden verzamelt over de persoon, dan per onderwerp een rijmpaar schrijft en die samenvoegt. Gebruik gepaard rijm (aabb), houd het kort, plaag mild en eindig met een hint naar het cadeau zonder het te verraden.

Samenvatting in het kort

  • Het gedicht bij de surprise is vooral een Nederlandse gewoonte. Pakjesavond is in Nederland op 5 december; in Vlaanderen pakken kinderen uit op de ochtend van 6 december.
  • Een goed gedicht heeft vier delen: aanhef, plagen, een hint naar het cadeau en een afsluiting.
  • Gepaard rijm (aabb) is het makkelijkst: regel 1 rijmt op 2, regel 3 op 4.
  • Begin met drie minuten trefwoorden verzamelen; het schrijven gaat daarna veel sneller.
  • Plaag over gewoontes en grappige momenten, nooit over uiterlijk, gewicht of gevoelige situaties.
  • Kleuters helpen met ideeën, kinderen vanaf een jaar of tien schrijven zelf een eerste versie.
  • Twee tot vier strofen van vier regels is genoeg.

Wat is een sinterklaasgedicht?

Een sinterklaasgedicht is een kort rijmend versje dat bij een surprise of een cadeau hoort. Het gedicht is officieel van Sinterklaas: hij schrijft over de ontvanger, plaagt een beetje en geeft een hint naar wat er in het pakje zit. Daardoor is het persoonlijker dan een kaartje en grappiger dan een briefje.

De surprise met gedicht is vooral een Nederlandse traditie. In Vlaanderen wordt Sinterklaas ook gevierd, maar daar draait het om de schoen en het uitpakken op de ochtend van 6 december. Wil je weten hoe de viering in beide landen verloopt, van schoen zetten tot lootjes trekken? Lees dan Sinterklaas vieren met het gezin.

Een sinterklaasgedicht hoeft geen literatuur te zijn. Wat telt, is dat de ontvanger zich herkent. Eén grap over de gymtas die elke week zoek is, werkt beter dan tien regels over hoe lief iemand is.

Hoe schrijf je een sinterklaasgedicht in tien minuten?

Een sinterklaasgedicht in tien minuten lukt als je de tijd in blokken verdeelt: drie minuten trefwoorden verzamelen, een minuut kiezen, vier minuten schrijven en twee minuten hardop nalezen. De meeste mensen doen er lang over omdat ze meteen beginnen te rijmen, zonder te weten waarover.

Stap Tijd Wat je doet
1. Trefwoorden 3 minuten Schrijf op wat je weet: gewoontes, grappige momenten van dit jaar, wensen, het cadeau
2. Kiezen 1 minuut Kies de twee of drie leukste trefwoorden en laat de rest vallen
3. Schrijven 4 minuten Schrijf per trefwoord een rijmpaar van twee regels
4. Nalezen 2 minuten Lees hardop, schrap woorden waar je over struikelt

Stap 1: trefwoorden verzamelen. Wat doet de ontvanger graag, wat gaat er altijd mis, wat gebeurde er dit jaar, en wat zit er in het pakje? Mooie zinnen zijn niet nodig, losse woorden zijn genoeg.

Stap 2: kiezen. Twee of drie onderwerpen zijn genoeg voor een gedicht dat iedereen tot het einde volhoudt.

Stap 3: rijmparen schrijven. Schrijf per onderwerp twee regels die op elkaar rijmen. Een eerste versie die bijna klopt, is beter dan een leeg blad. Loop je vast op een rijmwoord, gebruik dan een online rijmwoordenboek.

Stap 4: hardop nalezen. Wat op papier klopt, kan hardop hakkelen. Struikel je ergens, schrap dan een woord of draai de zin om.

Wat is de opbouw van een sinterklaasgedicht?

Een sinterklaasgedicht heeft vier vaste delen: een aanhef, een stuk waarin Sint de ontvanger plaagt, een hint naar het cadeau en een afsluiting met de groeten van Sint en Piet. Ken je die volgorde, dan weet je bij elke regel wat erin moet. Hieronder per deel een voorbeeld dat we zelf schreven.

De opbouw van een sinterklaasgedicht in vier stappen: aanhef, plagen, een hint naar het cadeau en de afsluiting met de groeten van Sint en Piet

1. Aanhef. De klassieke opening is “Sinterklaas zat te denken”. Daarmee is meteen duidelijk wie er aan het woord is.

Sinterklaas zat laatst te denken,
wat hij Noor dit jaar zou schenken.

2. Plagen. Het hart van het gedicht. Noem een gewoonte of een grappig moment, concreet en met een knipoog.

Want Noor is, zo hoorde de Sint,
altijd te laat, hoe vroeg ze ook begint.

3. Hint naar het cadeau. Verraad het cadeau niet, maar geef een aanwijzing die laat raden.

Ze fietst naar school door wind en regen,
en daar kan dit cadeau wel tegen.

4. Afsluiting. Een korte groet, en klaar.

Pak het maar uit, het is voor jou,
van Sint en Piet, met veel liefs en trouw.

Samen is dat een gedicht van acht regels: kort genoeg om voor te lezen, lang genoeg om iets te zeggen.

Welk rijmschema gebruik je?

Gepaard rijm (aabb) is het standaardschema voor een sinterklaasgedicht: de eerste regel rijmt op de tweede, de derde op de vierde. Het is het makkelijkst om snel te schrijven en het leest prettig voor. Wissel niet halverwege van schema, dan hapert het ritme.

Gekruist rijm (abab) kan ook, maar vraagt wat meer puzzelwerk:

De Sint keek in zijn grote boek,
daar stond jouw naam met rode inkt.
Je gymtas was alweer eens zoek,
en Piet weet ook hoe die stinkt.

Ritme krijg je door de regels ongeveer even lang te maken en ze hardop te lezen. Tel geen lettergrepen, luister gewoon of het loopt.

Gedichtenbouwer: een opzet van acht regels

Vul vier dingen in. Je krijgt een opzet met een vaste opbouw: twee regels aanhef, twee over een eigenschap, twee over iets van dit jaar en twee met een hint naar het cadeau. Waar het rijm moet komen, staat tussen haken. Die regels schrijf je zelf, dat is het leuke deel.

Over wie gaat het gedicht?

Een sinterklaasgedicht schrijven met kinderen, per leeftijd

Met kinderen schrijf je anders dan voor volwassenen, en per leeftijd verschilt hoeveel een kind zelf kan doen. Een kleuter geeft ideeën, een tiener schrijft het hele gedicht. Samen schrijven is ook een manier om de surprise geheim te houden voor de rest van het gezin.

Moeder helpt haar dochter met tekenen aan de keukentafel, en een tiener schrijft ’s avonds alleen aan zijn bureau

4 tot 6 jaar. Jij schrijft, het kind geeft ideeën: waar houdt het van, wat vindt het grappig? Gebruik korte zinnen, simpele woorden en de naam van het kind.

Sinterklaas zag kleine Finn,
met zijn auto, blij van zin.
Hij rijdt door de gang en door de hal,
en toetert: pas op, hier kom ik, allemaal!

7 tot 9 jaar. Vraag het kind om de trefwoorden en laat het rijmwoorden zoeken. Jij zet de regels in elkaar.

10 tot 12 jaar. Laat het kind een eerste versie schrijven op kladpapier. Jij helpt waar het rijm of het ritme hapert. Zo voelt het gedicht als zijn of haar eigen werk.

Tieners. Tieners schrijven prima zelf, ook voor een broer, zus of ouder. Geef ze de vier delen en laat ze los. Een lichte plaag werkt goed, zolang het niet gemeen wordt.

Mats zegt ’s ochtends niets, hooguit een grom,
zijn wekker gaat drie keer, en dan draait hij om.

Heb je meerdere kinderen en een hele familie om voor te schrijven? Houd bij wie voor wie een surprise maakt en wat erin gaat, bijvoorbeeld met een cadeaulijst voor het hele gezin.

Plagen in een sinterklaasgedicht: wat werkt en wat niet?

Plagen hoort bij een sinterklaasgedicht, maar er is een grens. Plaag over gewoontes en grappige momenten die de ontvanger zelf ook grappig vindt. Laat uiterlijk, gewicht en gevoelige onderwerpen weg. Een gedicht dat te ver gaat, bederft de avond; een gedicht dat te braaf is, is meteen vergeten.

Overzicht van plagen in een sinterklaasgedicht: wel over gewoontes, een grappig voorval en met een knipoog, niet over uiterlijk, gevoelige onderwerpen of iets waar iemand zich voor schaamt

Wat werkt:

  • Gewoontes: altijd te laat, altijd de sleutels kwijt, altijd de laatste koek
  • Een grappig moment van dit jaar: de tent die bij het eerste windje omwaaide, de taart die mislukte
  • Kleine obsessies: die ene serie, de voetbalclub, de koffie die nooit sterk genoeg is

Wat je beter laat:

  • Uiterlijk en gewicht: dat raakt altijd harder dan bedoeld
  • Gevoelige onderwerpen zoals een scheiding, ziekte of geldzorgen
  • Iets waarvan je niet zeker weet of de ontvanger erom kan lachen

De vuistregel: twijfel je of iets grappig of kwetsend is, laat het dan weg. Er is altijd een andere gewoonte om over te schrijven.

Een gedicht voor iemand die je niet goed kent

Trek je lootjes in een grote familie of met collega’s, dan schrijf je soms voor iemand die je nauwelijks kent. Vraag dan vooraf aan een ander: wat doet deze persoon graag, en wat is een bekende gewoonte? Met twee antwoorden heb je genoeg voor acht regels.

Weet je echt niets, laat Sinterklaas dan vertellen dat hij “lang heeft moeten zoeken” in zijn grote boek, en eindig met een algemene maar vriendelijke plaag die iedereen herkent. Moeten de lootjes nog getrokken worden? Dat doe je snel en eerlijk met de online lootjestrekker.

Hoe lang moet een sinterklaasgedicht zijn?

Twee tot vier strofen van vier regels is voor de meeste gedichten genoeg. Dat geeft ruimte voor een aanhef, een of twee grappige onderwerpen, een hint en een afsluiting. Langer wordt al snel vermoeiend om voor te lezen, zeker als er op pakjesavond nog tien gedichten volgen.

Schrijf je voor meerdere kinderen, houd de gedichten dan ongeveer even lang. Kinderen merken het meteen als het gedicht van een broer of zus twee keer zo lang is.

Wat doe je als het rijmen niet lukt?

Loopt het rijm vast, schrijf dan eerst op wat je wilt zeggen, zonder te rijmen. Draai de zin daarna zo om dat er een makkelijk woord achteraan staat, en zoek daar een rijmwoord bij. Zo schrijf je vanuit wat je wilt vertellen, niet vanuit het rijm.

Een voorbeeld:

Wat je wilt zeggen: hij is altijd te laat voor de vergadering.
Rijmen op “vergadering”: lastig.
Omdraaien: “Iedereen weet het, de Sint heeft het gezien,
de vergadering begon om negen, hij kwam om tien.”

Het hoeft niet perfect. Een gedicht dat een beetje scheef rijmt maar vol persoonlijke details zit, is altijd beter dan een perfect gedicht dat over niemand in het bijzonder gaat.

Conclusie

Een sinterklaasgedicht maken kost geen uur. Met drie minuten trefwoorden, de vaste opbouw (aanhef, plagen, hint, afsluiting) en gepaard rijm heb je in tien minuten een gedicht dat persoonlijk is en goed voorleest. Plaag mild, verraad het cadeau niet en lees het hardop na.

Bij meerdere kinderen, co-ouderschap of een samengesteld gezin wordt de sinterklaasplanning al snel een puzzel: wie maakt voor wie een surprise, en wie is er op welke avond? Wil je die afspraken op één plek, voor het hele gezin? Meld je aan voor de wachtlijst van de familie app FamilieApp.

Veelgestelde vragen

Moet een sinterklaasgedicht rijmen?

Het hoort bij de traditie en het leest leuker voor, maar een regel die niet helemaal rijmt is geen ramp. Gepaard rijm (aabb) is het makkelijkst.

Hoe begin ik een sinterklaasgedicht?

Met de klassieke aanhef "Sinterklaas zat te denken" en de naam van de ontvanger. Dan weet iedereen meteen dat de Sint aan het woord is.

Hoe hint ik naar het cadeau zonder het te verraden?

Beschrijf wat het cadeau doet of waarvoor het dient, niet wat het is. "Iets voor wie door wind en regen fietst" is een hint, "een regenjas" verraadt alles.

Vanaf welke leeftijd kan een kind zelf een gedicht schrijven?

Vanaf een jaar of tien kunnen de meeste kinderen zelf een eerste versie maken. Geef ze de vier delen (aanhef, plagen, hint, afsluiting) en help met rijm en ritme. Jongere kinderen helpen met ideeën.

Wat doe ik als ik niets grappigs kan bedenken?

Vraag een ander om één anekdote of gewoonte. Eén concreet detail is genoeg voor twee regels.

Hoe lang is een goed sinterklaasgedicht?

Twee tot vier strofen van vier regels. Genoeg om iets te vertellen, kort genoeg om iedereen bij de les te houden.

Wordt in Vlaanderen ook een gedicht geschreven?

Het gedicht bij de surprise is vooral een Nederlandse gewoonte. In Vlaanderen draait Sinterklaas om de schoen en het uitpakken op de ochtend van 6 december, maar niets houdt je tegen om er een gedicht bij te leggen.

Wanneer begin ik het best aan de gedichten?

Een week voor pakjesavond, samen met de surprise. Wie op de laatste avond nog vijf gedichten moet schrijven, haalt het tempo van tien minuten per gedicht niet meer.

Deel dit artikel

Wil je dit overzicht in jouw gezin?

Zet je e-mailadres op de wachtlijst. Geen kaartgegevens, een mail als je erin kunt.

DE EERSTE 25 GEZINNEN

Een jaar lang gratis, alle functies

Schrijf je in en hoor bij de eerste 25 gezinnen: dan gebruik je FamilieApp een jaar lang gratis, met alles erop en eraan. Geen kaartgegevens.

In ruil vertel je ons wat beter of anders kan. Op die verhalen bouwen we FamilieApp verder: jij bepaalt mee wat we als eerste maken.

Nog 12 plaatsen open·Inschrijven tot 25 oktober

Ken je een gezin dat dit kan gebruiken? Stuur het door.

Hoe meer gezinnen meebouwen, hoe beter het wordt voor iedereen.

Zet me op de wachtlijst

De eerste 25 gezinnen krijgen een jaar gratis, met alle functies. Geen kaartgegevens. Eén mail als je erin kunt, geen nieuwsbrief.